Voorbereidingen

De eerste keer…

En dan is het zover, je aanmelding voor je eerste TREC wedstrijd is de deur uit. Spannend!
Op deze pagina vind je meer informatie over de voorbereidingen op je eerste wedstrijd.

Vóór inschrijving

Voor je je inschrijft voor een wedstrijd is het een goed idee om het paspoort van je paard te controleren. Belangrijk is dat je paard volgens voorschriften geënt is. Dat betekent dat hij een basisenting gekregen heeft, en vervolgens ieder jaar een herhaling van de enting tegen influenza en tetanus. Alle entingen moeten in het paspoort genoteerd staan. Klopt er iets niet? Neem dan even contact op met je eigen dierenarts om het te herstellen. Houd er wel rekening mee dat je paard in de week voorafgaand aan de wedstrijd geen enting meer mag krijgen, dit moet je dus eerder regelen. Meer informatie over de entingen en het paspoort kun je terugvinden in het reglement.

Na inschrijving

De inschrijving voor een TREC wedstrijd opent zo’n 6 weken voorafgaand aan de wedstrijd. Nu heb je nog mooi even de tijd om de puntjes op de i te zetten wat betreft de training. De conditie van je paard heb je als het goed is al voor die tijd getraind, maar in deze laatste weken voor de wedstrijd is het goed om nog een aantal dingen te testen. Zo kun je bijvoorbeeld eens kijken of je paard rustig in een zelfgemaakte paddock blijft staan. En hoe vindt hij het als je met een kaart in je hand gaat buitenrijden? Kun je hem goed sturen en remmen op 1 hand? Ook kun je eens wat verschillende obstakels met hem oefenen, zoals het springen van een boomstam, of het doorwaden van een plas als je die tegenkomt.

1 week van te voren

Tijd om je spullen te verzamelen, je moet namelijk best wel wat dingen meenemen! Natuurlijk neem je alle zaken mee die je nodig hebt voor het rijden en verzorgen van je paard, maar er zijn nog een aantal dingen handig om mee te nemen waar je misschien niet direct aan denkt zoals een hoesje voor je kaart, gekleurde pennen of materiaal om een paddock van te maken. Hier vind je een inpaklijst van een ervaren TREC ruiter. Je zult misschien niet alles nodig hebben, maar dit geeft je een beetje een idee waar je aan kunt denken. Controleer ook nog even of je de betaling voor de wedstrijd hebt voldaan. Je kunt ook je vertrektijd alvast bepalen, want over het algemeen komt de startlijst een week van te voren op internet te staan.

Bij aankomst

Wanneer je aankomt op het wedstrijd zul je over het algemeen iemand in een hesje zien die je aanwijst waar je je trailer mag parkeren. Nadat je een plekje gevonden hebt, is het handig om je paard nog even op de trailer te laten staan en je eerst aan te melden bij het secretariaat. Hier betaal je eventuele openstaande kosten en krijg je spullen mee die je onderweg nodig hebt zoals je ruiterkaart en je hoofdstelnummer. Nu kun je je eventuele paddock gaan opzetten en je paard voorbereiden op de veterinaire keuring.

De keuring

Op bijna alle TREC wedstrijden zal je paard voorafgaand en na de wedstrijd gecontroleerd worden door een dierenarts. Hij of zij controleert de hartslag en ademhaling van je paard, maar bekijkt ook de slijmvliezen, luistert naar de darmen en voelt de spierspanning. Tot slot draaf je een stukje met je paard om te kijken of hij helemaal regelmatig is. Er kunnen maximaal 3 controles per wedstrijd plaatsvinden: vooraf, na de POR en voor de MA/PTV. De organisatie laat vooraf weten hoeveel controles er gedaan zullen worden. Zorg ervoor dat je bij de keuring altijd je ruiterkaart, veterinaire kaart en paardenpaspoort bij je hebt.

Vlak voor vertrek

Wanneer je paard is goedgekeurd voor de dierenarts kun je hem klaarmaken voor vertrek. In de POR is het belangrijk dat je de verplichte bepakkingsonderdelen bij je hebt. Hier wordt tijdens de wedstrijd op gecontroleerd. Voor de T0, T1 en T2 bestaat de verplichte bepakking uit de volgende zaken:
• Halster (of halsterhoofdstel)
• Touw
• Identiteitspapieren van het paard (een kopie is toegestaan)
• Identiteitspapieren van de ruiter (kopie is niet toegestaan)
• Zakmes
• Hoevenkrabber

In de T3 en T4 ben je vaak langer onderweg en wordt de verplichte bepakking om die reden wat uitgebreid. Meer informatie hierover kun je vinden in het reglement.
Als je paard helemaal klaar is, meld je je op tijd bij de ruimte waar je de kaart gaat intekenen. Dit noemen we de maproom. Bij de maproom is ruimte om je paard aan te binden. Nadat je een plekje voor je paard hebt gevonden, wordt je telefoon verzegeld en krijg je 20 minuten de tijd om je kaart in te tekenen. Zorg er dus voor dat je je pennen (en eventueel meetlint of geodriehoek) bij je hebt. Vergeet ook je ruiterkaart niet, die moet je de hele weg bij je hebben.

Onderweg

De precieze regels omtrent de POR kun je allemaal teruglezen in het reglement. Het is verstandig om dit reglement voor de wedstrijd goed door te nemen, zodat je weet welke dingen er belangrijk zijn onderweg. De route van de T1/T2 zal maximaal 25 kilometer zijn (T0 max 15 km), verdeeld over verschillende trajecten. Ieder traject heeft zijn eigen snelheid en de bedoeling is dat je hier zo dicht mogelijk bij in de buurt blijft. Wanneer je overgaat naar een ander traject, kom je langs een controlepost. Je weet vooraf niet waar deze controleposten zich bevinden. Bij de controlepost wordt je aankomsttijd genoteerd. Ook is het van belang dat je de post van de juiste kant aanrijdt om strafpunten te voorkomen. Ongeveer halverwege de route is er een pauzeplaats waar je even de tijd hebt om een broodje te eten. Aan het einde van de rit kom je, als het goed is, langs de finish. Hier stopt je rijtijd. Vanaf hier kun je op je eigen tempo naar de ‘end of route’ gaan. Dit is vaak vlakbij het startterrein. Wanneer je de ‘end of route’ gepasseerd bent, is de POR officieel ten einde en kun je je paard gaan verzorgen en klaarmaken voor opnieuw een veterinaire keuring.

De MA

De tweede dag begint het programma vaak met de MA, de gangenbeheersingsproef. Deze vindt plaats over een baan van 100 of 150 meter. De bedoeling is dat je de baan heen in een zo langzaam mogelijke galop aflegt. Terug doe je dit in een zo vlot mogelijke stap. De tijd dat je in de baan bent wordt opgemeten en aan de hand hiervan worden er punten toegekend. Een goede dressuurmatige beheersing van je paard is hierbij absoluut in je voordeel! Let er goed op dat je paard de hele baan in dezelfde gang aflegt, en geen voet buiten de markering van de baan plaatst. Dit zorgt namelijk direct voor een 0-score op dit onderdeel.

PTV

Na de MA volgt de PTV, het hindernisparcours. Dit is soms direct na de MA, soms zit hier nog een pauze tussen. Van de organisatie heb je op zaterdag al een plattegrondje gekregen waar de hindernissen op staan beschreven. Het is sterk aan te raden om op zaterdag, als je terug bent van de POR, de PTV alvast even zonder paard (!) te verkennen zodat je weet welke hindernissen je tegen komt. Vaak wordt er op zaterdagavond ook een ronde ‘begeleid parcours verkennen’ aangeboden, waarbij iemand van de organisatie uitlegt waar je bij iedere hindernis op moet letten. Let op, sla je tijdens de PTV een hindernis over (bijvoorbeeld omdat je niet zo van springen houdt)? Dat is geen probleem, maar meld je wel altijd even af bij de desbetreffende jury. Doe je dit niet, dan kan dat diskwalificatie tot gevolg hebben.

Uitslag

Dan zitten alle drie de onderdelen erop en begint het wachten op de punten. De uitslag van de MA en de PTV volgt enkele tijd nadat de laatste ruiter gereden heeft. Hierna heb je 30 minuten de tijd om eventuele vragen te stellen over de beoordeling die je gekregen hebt. Na deze 30 minuten is de tijd voorbij en volgt de definitieve uitslag. Hoe de puntentelling precies werkt, kun je terugvinden in het reglement. Na de prijsuitreiking is het tijd om alles weer op te ruimen, je paddock af te breken en je hoofstel- en rugnummer weer in te leveren bij de organisatie. Vergeet vooral dat laatste niet, want hier heb je borg voor betaald die je weer terugkrijgt.

Wil je echt goed beslagen ten ijs komen? Dan raden we je aan om voorafgaand aan je eerste wedstrijd eerst eens een TREC training te volgen.

Tips van de dierenarts

” Een goede voorbereiding begint met het monitoren van de gezondheid van je paard, in de aanloop naar het evenement. Let hierbij op de volgende punten:

  • Heeft jouw paard tijdig zijn entingen gehad? Wanneer dit niet op orde is, word je van deelname uitgesloten.
  • Is jouw paard vrij van onregelmatigheid, wanneer gereden wordt over verschillende ondergronden, rechtuit en in bochten, heuvel op en af? Schakel een dierenarts in, wanneer dit niet het geval is.
  • Is jouw paard soepel genoeg om de PTV-oefeningen aan te kunnen? Het kan zijn dat dit in het begin moeizaam is. Mocht er ondanks training te weinig verbetering optreden, dan kan het verstandig zijn een dierenfysiotherapeut in te schakelen.
  • Heeft jouw paard voldoende kracht en uithoudingsvermogen? Normaliter zou ieder paard met een redelijke basisconditie in staat moeten zijn om een T0/T1/T2 POR te kunnen lopen, de gemiddelde snelheden liggen in deze klassen nog laag. Toch is het verstandig om het aantal kilometers al eens gereden te hebben in een trainingssituatie. Eventueel kan ter controle de hartslag worden opgenomen: deze zou binnen een half uur na de rit (liefst ruim) beneden de 64 slagen per minuut moeten zijn.
  • Heb je een passend zadel en is je hoefbeslag in orde? Bij langere afstanden is er een grotere kans op drukkingen en het verliezen van een ijzer.
  • Heb je een verkouden paard? Check of er sprake is van koorts, neusuitvloeiing of kortademigheid en neem contact op met je dierenarts om te overleggen of je kunt gaan. Vaak wordt dit afgeraden om besmetting van andere paarden te voorkomen.

Mocht je met alle bovenstaande punten rekening hebben gehouden in je voorbereiding, dan zullen de veterinaire controles geen probleem zijn en kun je met een gezond paard een fijne wedstrijd rijden.
Veel succes!” Drs Erik Bergman,  SMDC